De Rechtbank Den Haag oordeelde recent over een geschil

waarbij de kopers van een nieuwbouwwoning uitgingen van een woonoppervlak van ca. 193 m², zoals indicatief vermeld op de projectwebsite (met verwijzing naar NEN 2580) en in de prijslijst. Tijdens de bouw bleek de woning 8,86m² kleiner, waarna de kopers schadevergoeding wegens wanprestatie dan wel vernietiging van de koop wegens dwaling vorderden. Krijgen de kopers gelijk?

Nee. De rechtbank stelt de kopers in het ongelijk omdat kort gezegd het woonoppervlak niet is genoemd in de aannemingsovereenkomst. De kopers mochten er daarom niet vanuit gaan dat de exacte maat van 193 m² was gegarandeerd. Dat het woonoppervlak van ca. 193 m² ter indicatie was vermeld op de projectwebsite en in de prijslijst doet daar niets aan af. Volgens de rechtbank maken de projectwebsite en de prijslijst geen onderdeel uit van de getekende aannemingsovereenkomst. De indicatieve verkoopinformatie die bij nieuwbouwprojecten wordt verstrekt – bijvoorbeeld via websites, brochures of prijslijsten – maakt niet zonder meer deel uit van de rechtsverhouding tussen partijen.

Prijslijst indicatief voor maatvoering
De rechtbank onderstreept dat prijslijsten primair bedoeld zijn om de verkoopprijzen te communiceren, niet de exacte maatvoering. De genoemde oppervlaktes zijn slechts indicatief. De aannemer heeft gebouwd conform de getekende aannemingsovereenkomst en de technische omschrijving en tekeningen, en daarmee exact gedaan wat contractueel van haar werd verlangd.

Disclaimer
Daarnaast was de informatie op de projectwebsite en de prijslijst voorzien van duidelijke voorbehouden. Daarin stond expliciet vermeld dat aan de weergegeven gegevens geen rechten konden worden ontleend en dat de informatie slechts ter indicatie diende. Als het woonoppervlak voor de kopers van doorslaggevend belang was, hadden de kopers hier vragen over moeten stellen. Dat hebben ze niet gedaan. Het beroep op dwaling strandt daarmee eveneens, omdat niet aannemelijk is dat de aannemer had moeten begrijpen dat het exacte woonoppervlak voor de kopers van doorslaggevend belang was.

Commentaar
Deze uitspraak onderstreept dat verkoopinformatie over nieuwbouwwoningen – zoals oppervlaktemetingen in brochures of op websites – in beginsel geen bindende contractuele waarde heeft. De rechter toetst primair aan de getekende aannemingsovereenkomst. Versie: 26.01 Pagina 1 van 2 Interessant is het verschil met de uitspraak van de Rechtbank Limburg

(ECLI:NL:RBLIM:2021:4071), waar de rechter juist wel gewicht toekende aan de verkoopbrochure. In die zaak werd geoordeeld dat de ontwikkelaar aansprakelijk was voor een misleidende voorstelling van het uitzicht bij een penthouse van een appartementencomplex. Ondanks een disclaimer vond de rechtbank dat bij nieuwbouw zwaardere eisen gelden aan de juistheid van verkoopinformatie, omdat de kopers volledig afhankelijk zijn van wat hen vooraf wordt gepresenteerd. Deze uitspraken laten zien dat het gewicht dat aan verkoopinformatie wordt toegekend sterk afhangt van de aard van die informatie en de context waarin zij wordt verstrekt. In de Limburgse zaak ging het om een essentieel en objectief bepaalbaar kenmerk van het gekochte (het uitzicht), waarbij de ontwikkelaar vooraf over meer kennis beschikte dan de kopers en de brochure een concreet en onjuist beeld schetste. In de Haagse zaak daarentegen betrof het indicatieve maatvoering, die niet contractueel was vastgelegd.

BRON: NVM

Deel dit bericht